AI-geletterdheid
Elke organisatie die AI inzet, zorgt dat haar personeel er voldoende van begrijpt. Geldt sinds 2 februari 2025 en kent geen drempel voor bedrijfsgrootte.
113 artikelen, 13 hoofdstukken, 13 bijlagen. Deze pagina is de wegwijzer: welk hoofdstuk regelt wat, welke artikelnummers u moet kennen en waar de geldende Nederlandse tekst staat.
Het is dezelfde wet. “AI-verordening” is de Nederlandse aanduiding, “AI Act” de Engelse die het in de vakpers won. Formeel gaat het om Verordening (EU) 2024/1689 van het Europees Parlement en de Raad van 13 juni 2024, gepubliceerd in het Publicatieblad op 12 juli 2024.
Welke term u gebruikt, hangt af van uw publiek. In stukken van de rijksoverheid, de Autoriteit Persoonsgegevens en de Nederlandse wetgever heet het consequent de AI-verordening. In de markt en in Engelstalige bronnen leest u vrijwel altijd AI Act. Zoekt u de wettekst, dan komt u het verst met het documentnummer: 32024R1689.
Let op één verschil dat juridisch wél telt. Een verordening werkt rechtstreeks door in alle lidstaten. Er is geen Nederlandse wet nodig die de regels overneemt, anders dan bij een richtlijn. De Uitvoeringswet AI-verordening regelt daarom alleen wat Brussel aan de lidstaten overlaat.
De omvang is misleidend. Hoofdstuk III beslaat in zijn eentje 44 van de 113 artikelen en gaat volledig over hoog-risico AI. Raakt uw organisatie dat hoofdstuk niet, dan valt het leeswerk mee.
| Hfst. | Titel | Artikelen | Wat het regelt |
|---|---|---|---|
| I | Algemene bepalingen | 1 t/m 4 | Doel, reikwijdte, definities en de AI-geletterdheidsplicht van Artikel 4. |
| II | Verboden AI-praktijken | 5 | De acht categorieën AI-toepassingen die in de EU niet zijn toegestaan. |
| III | AI-systemen met een hoog risico | 6 t/m 49 | Het zwaartepunt van de wet: classificatie, eisen aan het systeem, plichten van aanbieder en gebruiksverantwoordelijke, conformiteitsbeoordeling en registratie. |
| IV | Transparantieverplichtingen voor bepaalde AI-systemen | 50 | Melden dat iemand met AI communiceert, synthetische content markeren en deepfakes labelen. |
| V | AI-modellen voor algemene doeleinden | 51 t/m 56 | Regels voor GPAI-modellen zoals GPT, Claude en Gemini, met een zwaarder regime bij systeemrisico. |
| VI | Maatregelen ter ondersteuning van innovatie | 57 t/m 63 | Regulatory sandboxes, testen onder reële omstandigheden en verlichtingen voor MKB en start-ups. |
| VII | Governance | 64 t/m 70 | Het AI Office, de AI Board, het wetenschappelijk panel en de nationale bevoegde autoriteiten. |
| VIII | EU-databank voor hoog-risico AI-systemen | 71 | De centrale Europese databank waarin hoog-risicosystemen uit Bijlage III worden geregistreerd. |
| IX | Monitoring, informatie-uitwisseling en markttoezicht | 72 t/m 94 | Bewaking na het in de handel brengen, melding van ernstige incidenten, klachtrecht en het recht op uitleg. |
| X | Gedragscodes en richtsnoeren | 95 en 96 | Vrijwillige gedragscodes en de richtsnoeren van de Commissie over de toepassing van de wet. |
| XI | Delegatie van bevoegdheden en comitéprocedure | 97 en 98 | Hoe de Commissie bijlagen en technische details later kan aanpassen. |
| XII | Sancties | 99 t/m 101 | De boeteplafonds per categorie overtreding, met een verlicht regime voor MKB en start-ups. |
| XIII | Slotbepalingen | 102 t/m 113 | Wijzigingen op andere EU-wetgeving, de overgangsbepalingen en de gefaseerde inwerkingtreding. |
Veeg horizontaal om alle kolommen te zien.
Naast de artikelen bevat de verordening 180 overwegingen (recitals). Die staan vooraan, scheppen geen zelfstandige verplichting en worden gebruikt om de artikelen uit te leggen.
De verordening telt 13 bijlagen. Twee daarvan doen het meeste werk, want zij bepalen of een AI-systeem hoog-risico is. Dat oordeel hangt aan wat het systeem doet, niet aan de branche waarin u zit.
Bijlage I: AI in gereguleerde producten
AI die is ingebouwd in producten die al onder bestaande EU-productwetgeving vallen: medische hulpmiddelen (MDR en IVDR), machines, liften, speelgoed, luchtvaart. De AI-eisen komen daar bovenop de bestaande conformiteitsbeoordeling. Deadline: 2 augustus 2028.
Bijlage III: acht gebruiksgebieden
Zelfstandige AI-systemen in acht domeinen: biometrie, kritieke infrastructuur, onderwijs, werkgelegenheid, toegang tot essentiële diensten, rechtshandhaving, migratie en rechtsbedeling. De lijst is geordend naar wat het systeem doet. Een AI die sollicitanten rangschikt valt eronder, ongeacht of u een ziekenhuis of een uitzendbureau bent. Deadline: 2 december 2027.
Bijlage IV tot en met XIII: de uitvoering
De overige bijlagen werken uit hoe u aantoont dat u voldoet: Bijlage IV beschrijft wat er in de technische documentatie moet staan, Bijlage V de EU-conformiteitsverklaring, Bijlage VI en VII de procedures voor conformiteitsbeoordeling. Bijlage XI en XII gaan over de documentatie van GPAI-modellen.
Zeven nummers waarmee u in de meeste gesprekken uit de voeten kunt.
Elke organisatie die AI inzet, zorgt dat haar personeel er voldoende van begrijpt. Geldt sinds 2 februari 2025 en kent geen drempel voor bedrijfsgrootte.
Acht categorieën die in de EU niet mogen, van social scoring tot emotieherkenning op de werkplek. Ook van kracht sinds 2 februari 2025.
De regel die bepaalt wanneer een systeem hoog-risico is, met in lid 3 de uitzondering voor systemen die slechts een voorbereidende of puur mechanische taak doen.
Wat u moet doen als u een hoog-risicosysteem inzet zonder het zelf te bouwen: menselijk toezicht, monitoring, logs bewaren en betrokkenen informeren.
Melden dat iemand met AI praat, synthetische content markeren en deepfakes labelen. Van kracht vanaf 2 augustus 2026.
Wie door een hoog-risicosysteem een besluit met aanzienlijke gevolgen krijgt, mag uitleg vragen over de rol die het systeem daarin speelde.
Drie boeteniveaus: tot 35 miljoen euro of 7 procent bij verboden AI, tot 15 miljoen of 3 procent bij overige overtredingen, tot 7,5 miljoen of 1 procent bij onjuiste informatie.
De gefaseerde invoering. Dit artikel is gewijzigd door de Digital Omnibus, waardoor de hoog-risicodeadlines zijn opgeschoven.
De authentieke tekst staat op EUR-Lex, in alle 24 EU-talen, onder documentnummer 32024R1689. Alle taalversies zijn juridisch gelijkwaardig. Wijkt de Nederlandse formulering af van de Engelse, dan is dat een uitleggingsvraag en geen rangorde.
Pak de geconsolideerde versie. De verordening is sinds publicatie gewijzigd, onder meer door Verordening (EU) 2026/1744 (de Digital Omnibus) van 24 juli 2026. Die wijziging verzet deadlines en voegt een verbod toe aan Artikel 5. Een losse pdf uit juli 2024 mist dat allemaal. Herkenbaar aan de aanduiding “geconsolideerde tekst” met een datum erbij.
Voor de dagelijkse praktijk werkt lezen op artikelnummer beter dan lezen van voor naar achter. Bepaal eerst uw rol (aanbieder of gebruiksverantwoordelijke) en de risicocategorie van uw systeem. Daarna weet u welk hoofdstuk u nodig heeft, en dat is meestal er één.
Omdat de AI-verordening rechtstreeks werkt, hoeft Nederland de regels niet over te schrijven. Wat wél nationaal moet worden geregeld: wie toezicht houdt, welke bevoegdheden die toezichthouder krijgt en hoe boetes worden opgelegd. Dat is de Uitvoeringswet AI-verordening (UAIV).
Het wetsvoorstel ging op 20 april 2026 in internetconsultatie, die op 1 juni 2026 sloot. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State reageerde op 8 juli 2026. Behandeling in de Tweede en Eerste Kamer moet nog volgen, dus de wet is nog niet aangenomen. Het kabinet houdt er rekening mee dat de nationale uitvoering niet rond is op het moment dat de Europese verplichtingen gaan gelden.
In het voorstel wijzen de Autoriteit Persoonsgegevens en de Rijksinspectie Digitale Infrastructuur samen de coördinatie aan, met daarnaast sectortoezichthouders als AFM, DNB, IGJ, ILT, NVWA en de Nederlandse Arbeidsinspectie binnen hun eigen domein. In afwachting daarvan treedt de AP al op via de Directie Coördinatie Algoritmes. Meer over het Nederlandse toezicht.
Ja. “AI-verordening” is de Nederlandse aanduiding, “AI Act” de Engelse. Beide verwijzen naar Verordening (EU) 2024/1689 van het Europees Parlement en de Raad van 13 juni 2024. De officiële Nederlandse titel begint met “Verordening tot vaststelling van geharmoniseerde regels betreffende artificiële intelligentie”. In Nederlandse wetgevingsstukken en bij toezichthouders is “AI-verordening” de gangbare term.
113 artikelen, verdeeld over 13 hoofdstukken, plus 13 bijlagen en 180 overwegingen (recitals). De overwegingen staan vóór de artikelen en zijn geen zelfstandige verplichting, maar worden wel gebruikt om de artikelen uit te leggen.
Op EUR-Lex, onder documentnummer 32024R1689. Let op dat u de geconsolideerde versie raadpleegt: de verordening is gewijzigd door Verordening (EU) 2026/1744 (de Digital Omnibus), die op 24 juli 2026 in het Publicatieblad verscheen. Een losse pdf van juli 2024 mist die wijzigingen.
Bijlage I gaat over AI die is ingebouwd in producten die al onder EU-productwetgeving vallen, zoals medische hulpmiddelen, machines en speelgoed. Bijlage III gaat over zelfstandige AI-systemen in acht gebruiksgebieden, waaronder werving, kredietbeoordeling en onderwijs. De twee bijlagen kennen verschillende deadlines: Bijlage III geldt vanaf 2 december 2027, Bijlage I vanaf 2 augustus 2028.
Ja. Een verordening werkt rechtstreeks door in alle lidstaten en hoeft niet te worden omgezet in nationale wetgeving, anders dan een richtlijn. De Nederlandse Uitvoeringswet AI-verordening regelt daarom alleen wat de verordening aan de lidstaten overlaat, vooral de aanwijzing van toezichthouders en hun bevoegdheden.
Voor de meeste organisaties is dat Artikel 4 over AI-geletterdheid, dat al sinds 2 februari 2025 geldt en voor iedereen die AI inzet van toepassing is. Daarna volgt Artikel 50 over transparantie op 2 augustus 2026. De zware hoofdstuk III-verplichtingen gelden alleen als u daadwerkelijk een hoog-risicosysteem aanbiedt of inzet.
De wet lezen is één ding, weten welk deel u raakt is een ander. De gratis risicoscan brengt uw AI-gebruik in kaart en koppelt er per systeem de verplichtingen aan, met artikelnummer erbij.