Wat moet u labelen onder Artikel 50 van de AI Act? Het korte antwoord: een chatbot maakt kenbaar dat hij AI is, aanbieders markeren synthetische output machineleesbaar en deepfakes worden bekendgemaakt. AI-tekst maakt u alleen bekend als u hem publiceert om het publiek te informeren over aangelegenheden van algemeen belang, tenzij een mens hem heeft getoetst en u er redactionele verantwoordelijkheid voor draagt. Dat geldt sinds 2 augustus 2026.
Stel: een klant belt uw klantenservice en praat tien minuten met een virtuele assistent. Aan het eind vraagt hij of hij met een mens sprak. Wat antwoordt u?
Artikel 50 legt transparantieverplichtingen op aan twee rollen. De aanbieder zorgt dat een interactief systeem zich kenbaar maakt (lid 1) en dat synthetische output machineleesbaar is gemarkeerd (lid 2). De gebruiksverantwoordelijke informeert over emotieherkenning en biometrische categorisering (lid 3) en maakt deepfakes en AI-teksten over aangelegenheden van algemeen belang bekend (lid 4). Ook AI met een beperkt risico kent dus een boetebepaling.
Wat regelt Artikel 50?
Artikel 50 van de AI Act verplicht aanbieders en gebruiksverantwoordelijken om mensen te informeren wanneer ze met AI te maken hebben. Artikel 50 kent vier leden met een eigen adressaat: lid 1 en lid 2 voor de aanbieder, lid 3 en lid 4 voor de gebruiksverantwoordelijke.
Chatbots en virtuele assistenten
Artikel 50, lid 1De aanbieder zorgt ervoor dat een systeem dat rechtstreeks met mensen communiceert, de betrokkene laat weten dat hij met AI te maken heeft (Artikel 50, lid 1). Die plicht vervalt alleen wanneer dat duidelijk is voor een normaal geïnformeerde en redelijk omzichtige en oplettende persoon, gelet op de omstandigheden en de gebruikscontext.
Deepfakes en AI-beelden
Artikel 50, lid 4, eerste alineaBeeld, audio of video die een deepfake vormt, moet de gebruiksverantwoordelijke als kunstmatig gegenereerd of bewerkt bekendmaken. De definitie in Artikel 3, punt 60 dekt personen, voorwerpen, plaatsen, entiteiten en gebeurtenissen, dus ook een productfoto die de kijker misleidt over het werkelijke uiterlijk van het product.
Synthetische audio
Artikel 50, lid 4, eerste alineaAudio die een bestaande stem nabootst, is een deepfake en moet de gebruiksverantwoordelijke bekendmaken (Artikel 50, lid 4, eerste alinea). Een volledig synthetische stem die niemand nabootst valt daar meestal buiten, tenzij het fragment als authentieke opname kan worden opgevat.
AI-teksten over publiek belang
Artikel 50, lid 4, tweede alineaTekst die wordt gepubliceerd om het publiek te informeren over aangelegenheden van algemeen belang, moet als kunstmatig gegenereerd of bewerkt worden aangeduid (Artikel 50, lid 4, tweede alinea). Die plicht vervalt zodra een mens de tekst redactioneel heeft getoetst en een natuurlijke of rechtspersoon de redactionele verantwoordelijkheid draagt.
Chatbots: hoe informeert u klanten?
Voor veel MKB-bedrijven wordt dit het eerst zichtbaar bij een klantenservice-chatbot. De plicht van lid 1 ligt bij de aanbieder van het systeem, maar u ziet als afnemer of hij is ingevuld. Denk aan een chatbot op uw website die vragen beantwoordt over openingstijden, bestellingen of veelgestelde vragen.
De melding staat uiterlijk op het moment van de eerste interactie, op duidelijke en te onderscheiden wijze (Artikel 50, lid 5). Artikel 50, lid 1 legt die plicht bij de aanbieder; koopt u een chatbot in, controleer dan of hij hem invult. Die melding hoort niet weggestopt in de kleine lettertjes van uw privacyverklaring of in een footer: hij staat vooraan en is zichtbaar.
Dat kan op meerdere manieren. U kunt een korte openingsmelding gebruiken, zoals: "Hoi! Ik ben Ava, de digitale assistent van [bedrijfsnaam]. Ik help u graag verder." Dat is voldoende als de aanduiding "digitale assistent" duidelijk is. Sommige platforms tonen ook een AI-badge naast de chatnaam.
Belangrijker dan de exacte formulering is de intentie. De gebruiker moet weten dat hij niet met een mens praat. Dat geeft hem de keuze: doorgaan met de AI of vragen naar een medewerker.
Wat als de klant doorvraagt? Als iemand expliciet vraagt of hij met een mens of een AI spreekt, mag de AI nooit voorgeven een mens te zijn. Dit is een harde eis. Een chatbot die zegt "Ik ben gewoon een collega" of die de vraag ontwijkt, overtreedt de AI Act.
Deepfakes en AI-beelden: labeling verplicht
Wie een AI-systeem gebruikt om beeld te genereren of te bewerken dat een deepfake vormt, maakt bekend dat de content kunstmatig is gegenereerd of gemanipuleerd (Artikel 50, lid 4, eerste alinea). Bewerkingen van ondergeschikt belang, zoals belichting, kleurcorrectie of ruisonderdrukking, vallen daarbuiten. Dit klinkt als een verplichting voor grote mediabedrijven. Maar het raakt ook het MKB, vaker dan u denkt.
Stel: u gebruikt een AI-tool om productfoto's te genereren of te verbeteren. Of u laat een marketingbureau AI-gegenereerde stockbeelden maken voor uw website. Of u maakt een promotievideo met een AI-gegenereerde stemacteur. Per geval bepaalt u of het resultaat een deepfake is: lijkt het beeld op iets wat bestaat of plausibel kan bestaan? En zou een kijker het ten onrechte voor authentiek aanzien? Is het antwoord ja, dan hoort er een bekendmaking bij (Artikel 50, lid 4, eerste alinea).
Voor beelden en video kan dat via een watermark, een bijschrift of een zichtbaar label. De Europese Commissie heeft daarvoor drie pictogrammen gepubliceerd die u gratis mag gebruiken; welke u nodig heeft, bepaalt u met de keuzehulp bij de EU-pictogrammen. Voor audio via een melding aan het begin of einde van het fragment.
Consumenten worden steeds kritischer op content die "te mooi" lijkt. Een duidelijk AI-label voorkomt reputatieschade en voldoet aan de wet.
Machine-leesbare markering: de technische kant
Naast de voor mensen zichtbare bekendmaking eist de AI Act een machineleesbare markering van de aanbieder van het generatieve systeem (Artikel 50, lid 2). De output moet in een machineleesbaar formaat zijn gemarkeerd en detecteerbaar zijn als kunstmatig gegenereerd of gemanipuleerd. Welke techniek dat is laat de verordening open: herkomstmetadata werkt voor bestanden, voor platte tekst gebruiken aanbieders een statistisch watermerk. Zo kunnen platformen, browsers en zoekmachines AI-content herkennen en labelen.
Denk aan standaarden als C2PA (Coalition for Content Provenance and Authenticity), die al door grote techbedrijven zoals Adobe, Microsoft en Google worden ondersteund. Content die via deze standaard is gemarkeerd, draagt digitaal bewijs van wie het heeft gemaakt, wanneer en hoe. Welke eisen de Code of Practice aan die markering stelt, leest u in AI-content labelen onder de Code of Practice.
Voor de gemiddelde MKB-ondernemer klinkt dit technisch. Maar de tools die u gebruikt regelen dit steeds vaker automatisch. Adobe Photoshop en Firefly voegen al automatisch C2PA-metadata toe aan AI-gegenereerde content. Voor tekst gebruiken aanbieders een statistisch watermerk. Google doet dat sinds oktober 2024 met SynthID-Text in Gemini; output van Claude-modellen die vanaf 2 augustus 2026 zijn uitgebracht draagt volgens Anthropic een vergelijkbaar onzichtbaar merk. Hoe dat werkt en wat het wel en niet bewijst, leest u in het artikel over het Claude-watermerk. Als u een platform gebruikt dat AI-content genereert, controleer dan of het machine-leesbare markering ondersteunt.
Deadlines: wat moet wanneer geregeld zijn?
De AI Act voert deze verplichtingen gefaseerd in.
De transparantieverplichtingen uit Artikel 50 gelden sinds 2 augustus 2026. Anders dan bij de hoog-risico-deadlines stelt de Digital Omnibus (Verordening (EU) 2026/1744 van 8 juli 2026) deze datum niet uit. De meldplicht voor chatbots en de bekendmakingsplicht voor deepfakes en voor AI-teksten over aangelegenheden van algemeen belang gingen dus gewoon op 2 augustus 2026 in.
Er is een uitzondering, maar een smalle. Voor de machineleesbare markering van synthetische content bevat de verordening een overgangsregeling. Die staat in Artikel 111, lid 4, niet in Artikel 50. Generatieve AI-systemen die al vóór 2 augustus 2026 op de markt waren, hoeven pas vanaf 2 december 2026 aan die markering te voldoen. Systemen die ná 2 augustus 2026 op de markt komen, moeten er direct aan voldoen. De Digital Omnibus verscheen op 24 juli 2026 in het Publicatieblad als Verordening (EU) 2026/1744 en trad op 27 juli 2026 in werking.
Wat betekent dit voor uw MKB?
Drie situaties komen bij veel bedrijven voor.
Klantenservice-chatbot
U heeft een chatbot op uw website, aangestuurd door een platform als Intercom, Trengo of Freshdesk met AI-functies. Controleer of het platform een openingsmelding ondersteunt die duidelijk maakt dat het om AI gaat. Zo niet, voeg dit toe aan de welkomsttekst. Zorg ook dat de chatbot nooit beweert een mens te zijn als ernaar gevraagd wordt.
AI-gegenereerde marketingteksten
U gebruikt een tool als ChatGPT of Jasper om blogteksten, productomschrijvingen of social-mediaposts te schrijven. Wanneer is labeling verplicht? De AI Act richt zich op teksten over aangelegenheden van algemeen belang. Productomschrijvingen voor uw webshop vallen daar doorgaans niet onder. Wat de AI Act verder van een webshop vraagt, leest u op de pagina over retail. Maar een nieuwsartikel op uw website, een opiniestuk of een analyse van marktontwikkelingen: dat ligt gevoeliger. Een voorzichtige aanpak is om bij volledig AI-gegenereerde teksten over maatschappelijk relevante onderwerpen een korte noot toe te voegen. Dat is ook goed voor uw geloofwaardigheid.
AI-gegenereerde visuals
U laat AI-tools zoals Midjourney of DALL-E beelden maken voor uw website of social media. Beelden van mensen of situaties die voor echt kunnen doorgaan, vragen bijna altijd om een bekendmaking. Fotorealisme alleen beslist het niet: de vraag is of een kijker het beeld ten onrechte voor authentiek of waarheidsgetrouw zou aanzien (Artikel 3, punt 60). Een simpel bijschrift "Gegenereerd met AI" of een klein label in de afbeelding is voldoende. Controleer ook of het platform dat u gebruikt al automatisch C2PA-metadata toevoegt.
Boetes bij niet-naleving
Niet-naleving van Artikel 50 valt in de boetecategorie van 15 miljoen euro of 3 procent van de wereldwijde jaaromzet, waarbij het hoogste bedrag geldt (Artikel 99, lid 4, onder g). Voor MKB-bedrijven en start-ups geldt het laagste van die twee (Artikel 99, lid 6). Sinds de Digital Omnibus geldt dat ook voor kleine midcapondernemingen (Artikel 99, lid 6 bis). Welke Nederlandse toezichthouder de boete oplegt, ligt nog niet vast. Voor een MKB-bedrijf is dat serieus geld.
Daarnaast is er het reputatierisico: een bedrijf dat klanten misleidt over het gebruik van AI verliest snel vertrouwen. Zeker nu consumenten steeds beter weten wat AI is en wat het kan.
Veelgestelde vragen
Moet ik AI-teksten op mijn website labelen?
Alleen als de tekst het publiek informeert over aangelegenheden van algemeen belang en niet redactioneel is gecontroleerd door een mens die de verantwoordelijkheid draagt. Een blogartikel dat u zelf inhoudelijk controleert en onder uw naam publiceert, mag zonder label. Volledig automatisch gepubliceerde nieuwsteksten wel.
Is één zin in de chatbot genoeg?
Ja, mits die zin er staat vóórdat het gesprek begint en de gebruiker hem redelijkerwijs ziet. "U chat met een virtuele assistent" bovenaan het venster voldoet. Een vermelding diep in de voorwaarden niet, want de eis is dat de betrokkene het weet op het moment van interactie.
Geldt de plicht ook voor interne chatbots?
Artikel 50, lid 1 richt zich op natuurlijke personen die met het systeem interacteren, dus ook op uw eigen medewerkers. De richtsnoeren van 20 juli 2026 noemen een interne assistent voor getraind personeel dat weet dat het met AI werkt juist als voorbeeld waarin de melding achterwege mag blijven. Eén zin bovenaan het venster kost weinig en haalt de discussie weg. Een interne HR-assistent praat ook met natuurlijke personen, dus de veilige lijn is: labelen. Het kost één zin en het voorkomt discussie.
Wat als mijn leverancier de markering niet ondersteunt?
De machine-leesbare markering is een plicht van de aanbieder van het generatieve systeem, niet van u als gebruiker. Vraag uw leverancier schriftelijk hoe hij Artikel 50, lid 2 invult en leg dat antwoord vast. Uw eigen plicht als gebruiker is de zichtbare kant: labelen wat u publiceert.
Hoe zit het met AI-stemmen in telefonie?
Een synthetische stem in klantcontact valt onder dezelfde meldplicht als een chatbot: de beller moet weten dat hij met AI praat. Zet dat in de openingszin van het gesprek, niet in een menu dat mensen wegklikken.
Aan de slag
De transparantieverplichtingen uit Artikel 50 zijn voor de meeste MKB-bedrijven uitvoerbaar. Het vereist geen grote technische ingrepen. Wat het wel vraagt is bewustzijn: weet welke AI-systemen u inzet, wat ze communiceren naar uw klanten en hoe u die communicatie transparant maakt.
Begin met een inventarisatie van uw AI-gebruik: welke tools genereren content, welke communiceren met klanten en zijn die interacties gelabeld.
De gratis risicoscan brengt in vijf minuten in kaart welke verplichtingen voor uw organisatie gelden, inclusief die uit Artikel 50. Die deadline is op 2 augustus 2026 verstreken. Wat er na de scan gebeurt, ziet u in een film van twee minuten.