Wat gebeurt er als u de AI-trainingsplicht negeert? Sinds 2 februari 2025 geldt Artikel 4 van de EU AI Act, en vanaf 2 augustus 2026 gaan nationale toezichthouders er actief op handhaven. Dit artikel legt uit wie controleert, wat de boete is en, belangrijker, wat u moet kunnen laten zien.
Wie handhaaft de AI-geletterdheidsplicht?
De handhaving van Artikel 4 ligt niet bij de Europese AI Office, maar bij de nationale markttoezichthouders. Zij beginnen hun toezicht op 2 augustus 2026. In Nederland wijst het voorstel voor de Uitvoeringswet AI-verordening de Autoriteit Persoonsgegevens en de Rijksinspectie Digitale Infrastructuur aan als coordinerende toezichthouders. Sectorale waakhonden houden hun eigen domein: de IGJ voor de zorg, DNB en AFM voor de financiele sector, de ILT voor transport en leefomgeving. Wie precies bevoegd is per sector leest u in AI Act toezichthouder Nederland.
Is er een aparte boete voor Artikel 4?
Nee. Anders dan veel berichten suggereren, staat de geletterdheidsplicht niet in een eigen boete-tier. Het hoogste plafond van 35 miljoen euro of 7 procent omzet geldt voor verboden AI, niet voor ontbrekende training. Toezichthouders handhaven Artikel 4 via hun algemene bevoegdheid. Bij samenloop met andere overtredingen kan de boete oplopen tot 15 miljoen euro of 3 procent van de wereldwijde jaaromzet (Artikel 99, lid 4), waarbij voor het MKB het laagste van die twee geldt. De volledige boetestructuur met de drie niveaus staat in AI Act boetes.
Het echte risico zit in de bewijslast
De boete is zelden uw grootste zorg. Het echte risico ontstaat bij een incident. Komt er een datalek, een discriminatieklacht of een aansprakelijkheidszaak rond een AI-beslissing, dan vraagt iedereen, van toezichthouder tot verzekeraar, of uw mensen aantoonbaar zijn opgeleid. Kunt u dat niet laten zien, dan verzwakt uw positie meteen. Een inspecteur die langskomt vraagt niet om goede bedoelingen, maar om uw AI-register, documentatie per systeem en bewijs van AI-geletterdheid.
Moet de ondernemingsraad instemmen?
Dit punt wordt vaak vergeten. Maakt u van AI-training een collectieve regeling of een opleidingsplan, dan kan de ondernemingsraad instemmingsrecht hebben op grond van artikel 27, lid 1, sub f van de Wet op de ondernemingsraden (regelingen op het gebied van personeelsopleiding). Datzelfde speelt als uw AI-beleid raakt aan personeelsbeoordeling of privacy. Betrek de OR dus tijdig, zeker als u de training organisatiebreed verankert. Het is geen reden om te wachten, wel om het proces goed in te richten.
Wat moet u kunnen aantonen?
Naleving is een kwestie van vastleggen. Zorg dat u op elk moment het volgende kunt overleggen.
- Een deelnemersoverzicht met wie welke training heeft afgerond, en wanneer.
- Een certificaat per medewerker dat het niveau of de rol vermeldt.
- Een kort trainingsplan dat laat zien hoe u het niveau per functie bepaalde.
- Een ritme voor opfrissing en voor nieuwe medewerkers in de onboarding.
Met die vier elementen toont u niet alleen aan dat u traint, maar dat de training passend en structureel is. De praktische opzet staat in het stappenplan voor Artikel 4, en de training zelf met certificaat zit in onze AI-geletterdheid e-learning.
Veelgestelde vragen
Vanaf wanneer kan ik beboet worden voor ontbrekende AI-training?
De plicht geldt al sinds 2 februari 2025, maar de nationale toezichthouders beginnen hun handhaving op 2 augustus 2026. Dat is geen reden om te wachten: bij een incident telt of u op het moment zelf aantoonbaar voldeed.
Geldt er een MKB-korting op de boete?
Ja, in de vorm van proportionaliteit. Bij elk boeteniveau geldt voor kleinere organisaties het laagste van het vaste bedrag of het omzetpercentage. Toezichthouders houden daarbij rekening met de draagkracht van de onderneming.
Is een deelnemersoverzicht genoeg bewijs?
Voor de geletterdheidsplicht is een deelnemersoverzicht met certificaten de kern van uw bewijs. Een register is hiervoor niet vereist. Voor hoog-risico AI blijft een register wel sterk aan te raden.