Mag een advocaat ChatGPT gebruiken voor dossiers? Het korte antwoord: niet in de standaardversie. Cliëntgegevens in een publiek AI-model raken het beroepsgeheim uit artikel 11a Advocatenwet en zetten het verschoningsrecht onder druk. Met een zakelijke of Europees gehoste omgeving kan het wel, mits het kantoor beleid heeft en de cliënt is geïnformeerd.
Sinds eind 2025 heeft de Nederlandse Orde van Advocaten formele aanbevelingen voor AI-gebruik in de advocatuur. Drie elementen vragen directe aandacht: cliënttoestemming voorafgaand aan AI-inzet, beroepsgeheim onder artikel 11a Advocatenwet en het verschoningsrecht dat onder druk komt zodra vertrouwelijke data in een publiek AI-model belandt.
De NOvA-aanbevelingen 2025 en 2026
Eind 2025 publiceerde de NOvA 'Aanbevelingen AI in de advocatuur', het eerste formele richtsnoer over AI-gebruik door advocaten. De aanbevelingen zijn opgebouwd rond de vijf kernwaarden uit artikel 10a Advocatenwet: onafhankelijkheid, partijdigheid, deskundigheid, integriteit en vertrouwelijkheid.
Op 17 maart 2026 volgde een aanvulling: 'Aanbevelingen AI in de praktijk', met concrete implementatie-handvatten. De combinatie van beide documenten is op dit moment het primaire normenkader voor AI in de advocatuur, naast de wet zelf.
De meest opvallende aanbeveling: vraag de cliënt vooraf toestemming voor AI-inzet bij de behandeling van zijn dossier. Dit advies wijkt af van wat de Vlaamse Balies en de Duitse Bundesrechtsanwaltskammer (BRAK) voorschrijven en is dus een Nederlandse specialiteit. Tuchtrechtelijk telt het wel: bij een klacht bij de deken of de Raad van Discipline weegt het ontbreken van cliënttoestemming als verzwarende omstandigheid mee.
Voor vertrouwelijkheid adviseert de NOvA vier dingen.
- Geen vertrouwelijke data in gratis of publieke applicaties
- Alleen strikt noodzakelijke informatie delen
- Geen cliënt- of dossiergegevens in publieke modellen invoeren
- Input én output binnen de beveiligde kantooromgeving houden
Verschoningsrecht onder druk bij publieke AI
Het verschoningsrecht is geen recht van de advocaat persoonlijk maar van de cliënt. Het is gekoppeld aan de geheimhoudingsplicht uit artikel 11a Advocatenwet (van kracht sinds 1 januari 2015) en wordt erkend in het Wetboek van Strafvordering en de Algemene wet inzake rijksbelastingen. Verlies van vertrouwelijkheid betekent verlies van het verschoningsrecht voor die specifieke informatie.
De juridische literatuur waarschuwt sinds 2023 dat invoer van vertrouwelijke cliëntdata in een publiek AI-model kan worden gezien als verstrekking aan een derde. Bij ChatGPT Free of Plus komt input op Amerikaanse servers terecht en wordt standaard gebruikt voor modeltraining (tenzij expliciet uitgezet). Onder de Cloud Act of een Amerikaans gerechtelijk bevel kan OpenAI verplicht worden die data te verstrekken aan autoriteiten. Voor een advocaat is dat scenario dubbel risicovol: schending van het beroepsgeheim plus mogelijk verlies van het verschoningsrecht.
Wat de tuchtrechter erover zei
Op 27 juli 2026 berispte de Raad van Discipline 's-Hertogenbosch een advocaat die in processtukken uitspraken aanhaalde met ECLI-nummers uit een AI-tool (ECLI:NL:TADRSHE:2026:93). Een deel van die nummers bestond niet; bij zeven andere hoorde het nummer bij een heel andere uitspraak dan in het stuk was beschreven. De raad rekende dat aan als schending van de kernwaarden deskundigheid en integriteit. Een waarschuwing vond de raad te licht. Dat de aanbevelingen over AI in juli 2025 nog in ontwikkeling waren, woog niet zwaar genoeg om ermee weg te komen.
De rode draad: artikel 46 Advocatenwet (zorgplicht) en de Gedragsregels-2018 zijn onverkort van toepassing op AI-output. De advocaat is en blijft eindverantwoordelijk voor wat in een processtuk staat, ook als het concept door een AI is opgesteld.
Die uitspraak raakte technisch niet de geheimhoudingskant maar wel de zorgplichtkant van AI-gebruik. Beide kanten zijn een tuchtrechtelijk risico. Een AI-beleid moet dus ook de output-controle regelen, niet alleen de data-input.
Drie niveaus van AI-tools voor advocatuur
Welke AI mag u inzetten voor welk type werk? Er zijn drie niveaus.
Niveau 1: publieke consumenten-AIChatGPT Free of Plus, Claude.ai gratis, Gemini gratis, perplexity.ai zonder enterprise-account. Niet bruikbaar voor cliëntzaken. Geen verwerkersovereenkomst, data wordt verwerkt op servers buiten de EU en standaard gebruikt voor modeltraining. Acceptabel voor productiviteitstaken zonder cliënt- of dossiergegevens (kantoormarketing, intern leeronderzoek, een blogpost over een algemeen juridisch onderwerp).
Niveau 2: zakelijke AI met verwerkersovereenkomstChatGPT Enterprise, Microsoft Copilot for Business, Anthropic Claude voor Teams en gespecialiseerde juridische platforms als Harvey, Robin AI of Eve. Bij deze tools is er een verwerkersovereenkomst, modeltraining op uw input wordt uitgeschakeld en data wordt versleuteld. Bruikbaar voor concept-correspondentie, interne memo's en samenvattingen, mits het kantoor heeft vastgelegd welke gegevens wel en niet ingevoerd mogen worden en de cliënt vooraf toestemming heeft gegeven.
Let bij niveau 2 op twee dingen. De hosting-locatie: Microsoft 365 EU Data Boundary helpt, maar is geen volledige garantie tegen Cloud Act-toegang. En de model-keuze, want sommige enterprise-aanbieders routeren prompts via Amerikaanse subprocessors voor specifieke modellen.
Niveau 3: private AI in eigen IT-omgevingEen lokaal draaiend taalmodel of een Europees gehost private LLM bij een EU-aanbieder zonder Cloud Act-blootstelling. Bijvoorbeeld een fine-tuned Mistral-deployment op een Europese cloud, of een AI-feature binnen advocatensoftware waarbij data het kantoor niet verlaat. Voor dossierwerk de meest verantwoorde optie. Hogere kosten, maar volledige controle over data.
Een werkbaar AI-beleid in vijf stappen
Een schriftelijk AI-beleid is voor advocatenkantoren geen wettelijke verplichting, maar bij een tuchtklacht of dekencontrole is het het eerste document dat wordt opgevraagd.
Inventariseer alle AI-tools
ChatGPT, Microsoft Copilot, transcriptie-software (Otter, Microsoft Teams Copilot), samenvattingstools in Outlook, AI-functies in het dossiersysteem (Bighand, Visma, Cleopatra). Vraag het bij elke advocaat en stafmedewerker na, niet alleen IT.
Classificeer per tool
Bepaal het niveau (publiek, zakelijk, privaat) en leg per tool vast: welke data wel en welke data nooit ingevoerd mag worden. Twee kolommen volstaan.
Regel cliënttoestemming via uw opdrachtbevestiging
Pas de standaardvoorwaarden aan met een AI-clausule waarin staat welke tools u inzet, voor welk doel en wat de waarborgen zijn. Geef de cliënt de mogelijkheid om expliciet bezwaar te maken. Documenteer per dossier of toestemming is gegeven, gewijzigd of geweigerd.
Borg de zorgplicht op de output
Maak het beleid expliciet over output-controle: AI-output wordt nooit ongelezen in een processtuk overgenomen, jurisprudentie wordt altijd handmatig geverifieerd. Eindverantwoordelijkheid blijft bij de behandelend advocaat. Dit is de directe les uit de tuchtuitspraken-2024-2025.
Werk aantoonbaar aan AI-geletterdheid ([Artikel 4](/ai-verordening/artikel-4) AI Act)
Sinds 2 februari 2025 vraagt artikel 4 van de EU AI Act dat u maatregelen neemt die de AI-geletterdheid bevorderen van iedereen die met AI werkt. Een kennisniveau per persoon hoeft u niet te garanderen, maar u moet wel kunnen laten zien wat u heeft gedaan en voor wie. Voor een advocatenkantoor: een korte opleiding (1 tot 2 uur online) over AI-basis, beperkingen, hallucinatie-risico, beroepsgeheim en verschoningsrecht. Documenteer wie wanneer is opgeleid.
Is AI in de advocatuur hoog-risico onder de AI Act?
Voor de meeste advocatenkantoren niet automatisch. Recital 61 van de AI Act kwalificeert AI bij de rechtspleging als hoog-risico, maar zondert AI-gebruik voor puur ondersteunende administratieve taken (anonimiseren, agenda, interne communicatie) uit. Een AI-tool die concept-correspondentie opstelt of jurisprudentie samenvat valt daar meestal onder.
Dat verandert zodra AI zelfstandig juridische conclusies trekt. Ook een wezenlijke rol in geschilbeslechting met bindende gevolgen kan tot een hoog-risicoclassificatie leiden. Recital 61 noemt ADR-bodies expliciet.
Voor de meeste kantoren raken eerder drie andere onderdelen van de AI Act: AI-geletterdheid (Art. 4, al verplicht), transparantie bij AI-content of chatbots op uw website (Art. 50, sinds 2 augustus 2026; deze plicht is niet uitgesteld door de Digital Omnibus) en het AVG-kader voor cliëntdata.
Een AI-register voor uw kantoor
Een intern AI-register is geen wettelijke plicht voor advocatenkantoren. Het bewijst wel, onder NOvA-toezicht en onder de AI Act, dat u zorgvuldig handelt. Per AI-systeem legt u zes dingen vast.
- Naam en leverancier
- Doel van inzet
- Welke data er wel en niet in mag
- Het niveau (1, 2 of 3)
- De verantwoordelijke binnen het kantoor
- De datum van de laatste review Een spreadsheet werkt voor kleine kantoren; een AI-register-platform wordt praktisch zodra u meer dan vijf tools heeft of een tuchtprocedure voor de deur staat.
Vijf concrete acties voor deze week
- Verbied formeel de invoer van cliëntdata in publieke ChatGPT, Claude of Gemini via een interne kantoormail.
- Pas uw opdrachtbevestiging aan met een AI-clausule die cliënttoestemming regelt.
- Plan een AI-geletterdheidsessie voor het volledige kantoor (Art. 4 deadline is verstreken).
- Verifieer in alle lopende processtukken handmatig de aangehaalde jurisprudentie.
- Lees de NOvA-aanbevelingen 2025 en de praktijk-aanvulling 2026 en stel uw beleid daarop af.
Voor wie het structureel wil aanpakken: AIComplianceHub bouwt een AI-register, AI-beleid en e-learning specifiek voor het Nederlandse MKB, inclusief advocatenkantoren. De gratis Risicoscanner geeft u in vijf minuten een eerste beeld van waar uw kantoor staat.
Veelgestelde vragen
Wat zegt de NOvA-aanbeveling over cliënttoestemming?
De NOvA adviseert advocaten om vooraf toestemming aan de cliënt te vragen wanneer AI wordt ingezet bij de behandeling van zijn dossier. Dit is geen wettelijke plicht maar een tuchtrechtelijke zorgvuldigheidsnorm. Dat vertaalt zich naar een AI-clausule in de opdrachtbevestiging waarin u beschrijft welke tools u gebruikt, met welke waarborgen en de mogelijkheid voor de cliënt om bezwaar te maken.
Verlies ik het verschoningsrecht als ik cliëntdata in ChatGPT invoer?
Het juridische standpunt is dat invoer van vertrouwelijke informatie in een publiek AI-model kan worden gezien als verstrekking aan een derde. Wanneer dat zo wordt geoordeeld, vervalt het vertrouwelijkheidskarakter en daarmee het verschoningsrecht voor die informatie. Concrete jurisprudentie hierover ontbreekt nog in Nederland, maar tegenpartijen in strafzaken, fiscale zaken en civiele procedures kunnen dit punt opwerpen. Risicobeperking via niveau 2 of 3 tools (zie hierboven) is dus zowel tuchtrechtelijk als procesrechtelijk relevant.
Wat zegt de tuchtrechter over AI-hallucinaties?
De Raad van Discipline 's-Hertogenbosch berispte op 27 juli 2026 een advocaat die AI-gegenereerde ECLI-nummers overnam zonder ze na te lopen (ECLI:NL:TADRSHE:2026:93). Een deel bestond niet, een deel verwees naar heel andere uitspraken. De boodschap: artikel 46 Advocatenwet (zorgplicht) is onverkort van toepassing op AI-output. Eindverantwoordelijkheid voor wat in een processtuk staat blijft bij de advocaat, niet bij de AI-tool.
Wat als de cliënt zegt 'gebruik geen AI voor mijn dossier'?
Dan respecteert u dat. De cliënt kan voor zijn dossier een AI-totaalverbod afspreken. Documenteer dit zichtbaar in het dossier en zorg dat alle medewerkers ervan op de hoogte zijn. Voor gevoelige strafzaken, due diligence in M&A en zaken met verhoogd geheimhoudingsbelang kan een AI-totaalverbod ook uw default-positie zijn.
Moet ik mijn ISO 27001 of NEN 7510 aanpassen voor AI-gebruik?
Niet direct, maar wel in samenhang. Bestaande informatieveiligheidstandaarden dekken vertrouwelijkheid en encryptie, niet de specifieke AI Act-eisen rond AI-geletterdheid (Art. 4), transparantie (Art. 50) en menselijk toezicht (Art. 14, 26). De pragmatische aanpak: breid uw bestaande managementsysteem uit met AI-specifieke procedures, in plaats van een tweede systeem op te zetten.