Mag een advocaat ChatGPT gebruiken voor dossiers? Het korte antwoord: niet in de standaardversie. Cliëntgegevens in een publiek AI-model raken het beroepsgeheim uit artikel 11a Advocatenwet en zetten het verschoningsrecht onder druk. Met een zakelijke of Europees gehoste omgeving kan het wel, mits het kantoor beleid heeft en de cliënt toestemming heeft gegeven, zoals de NOvA aanbeveelt.
Sinds december 2025 heeft de Nederlandse Orde van Advocaten aanbevelingen voor AI-gebruik in de advocatuur. Drie elementen vragen directe aandacht: cliënttoestemming voorafgaand aan AI-inzet, beroepsgeheim onder artikel 11a Advocatenwet en het verschoningsrecht dat onder druk komt zodra vertrouwelijke data in een publiek AI-model belandt.
De NOvA-aanbevelingen 2025 en 2026
Op 16 december 2025 publiceerde de NOvA 'Aanbevelingen AI in de advocatuur'. De aanbevelingen zijn opgebouwd rond de vijf kernwaarden uit artikel 10a Advocatenwet: onafhankelijkheid, partijdigheid, deskundigheid, integriteit en vertrouwelijkheid.
Op 17 maart 2026 lichtte de NOvA de aanbevelingen toe met vier praktijkvoorbeelden ('Aanbevelingen AI in de praktijk'). Op 21 mei 2026 volgden er vier nieuwe. Het normenkader zelf blijft de Advocatenwet met de Gedragsregels advocatuur 2018. De aanbevelingen geven daarbinnen richting voor AI.
De meest opvallende aanbeveling: vraag de cliënt toestemming voor AI-gebruik in zijn dossier. Een aanbeveling is geen gedragsregel. De tuchtrechter weegt de aanbevelingen wel mee: in de uitspraak van 27 juli 2026 telde in het voordeel van de advocaat dat ze in juli 2025 nog niet bestonden (ECLI:NL:TADRSHE:2026:93).
Voor vertrouwelijkheid adviseert de NOvA onder meer dit.
- Geen vertrouwelijke data in gratis of publieke applicaties
- Alleen strikt noodzakelijke informatie delen
- Geen cliënt- of dossiergegevens in publieke modellen invoeren
- Input én output binnen de beveiligde kantooromgeving houden
Verschoningsrecht onder druk bij publieke AI
Het verschoningsrecht komt de advocaat toe en bestaat ter bescherming van de cliënt: iedereen moet zich vrijuit tot een advocaat kunnen wenden. Het hangt samen met de geheimhoudingsplicht uit artikel 11a Advocatenwet (van kracht sinds 1 januari 2015) en is onder meer vastgelegd in artikel 218 van het Wetboek van Strafvordering en artikel 53a van de Algemene wet inzake rijksbelastingen. Verliest informatie haar vertrouwelijke karakter, dan kan ze ook de bescherming van het verschoningsrecht verliezen.
Een rechter-commissaris in Rotterdam oordeelde op 12 juni 2026 dat het invoeren van verschoningsgerechtigde informatie in ChatGPT kan gelden als openbaarmaking (ECLI:NL:RBROT:2026:9319). De informatie verliest daarmee haar vertrouwelijke karakter. Het ging om één beslissing in een strafzaak, over een verdachte die ChatGPT een bericht aan een verschoningsgerechtigde liet opstellen. De redenering maakt geen onderscheid naar wie de informatie invoert. Bij ChatGPT Free of Plus komt input op Amerikaanse servers terecht en wordt standaard gebruikt voor modeltraining (tenzij expliciet uitgezet). Onder de Cloud Act of een Amerikaans gerechtelijk bevel kan OpenAI verplicht worden die data te verstrekken aan autoriteiten. Voor een advocaat is dat scenario dubbel risicovol: schending van het beroepsgeheim plus mogelijk verlies van het verschoningsrecht.
Wat de tuchtrechter erover zei
Op 27 juli 2026 berispte de Raad van Discipline 's-Hertogenbosch een advocaat die in processtukken uitspraken aanhaalde met ECLI-nummers uit een AI-tool (ECLI:NL:TADRSHE:2026:93). In één zaak haalde zij acht uitspraken aan: één ECLI-nummer bestond niet, de andere zeven hoorden bij heel andere uitspraken dan in het stuk was beschreven. De raad rekende dat aan als schending van de kernwaarden deskundigheid en integriteit. Een waarschuwing vond de raad te licht. Dat AI-geletterdheid in juli 2025 nog geen gemeengoed was en de NOvA-aanbevelingen pas later verschenen, woog de raad in haar voordeel mee. Die omstandigheden telden mee bij de keuze voor een berisping.
De rode draad: de tuchtnorm van artikel 46 Advocatenwet en de kernwaarden uit artikel 10a gelden onverkort voor AI-output. De raad zag daarnaast gedragsregel 8 van de Gedragsregels advocatuur 2018 geschonden: geen informatie verstrekken waarvan u weet of behoort te weten dat die onjuist is. De advocaat is en blijft eindverantwoordelijk voor wat in een processtuk staat, ook als het concept door een AI is opgesteld.
De deken verweet de advocaat ook schending van de vertrouwelijkheid. Dat deel verklaarde de raad ongegrond: zij verklaarde geen vertrouwelijke gegevens te hebben ingevoerd. Uit de stukken bleek het tegendeel niet. Beide kanten zijn een tuchtrechtelijk risico. Een AI-beleid moet dus ook de output-controle regelen, niet alleen de data-input.
Drie niveaus van AI-tools voor advocatuur
Welke AI mag u inzetten voor welk type werk? Er zijn drie niveaus.
Niveau 1: publieke consumenten-AIChatGPT Free of Plus, Claude.ai gratis, Gemini gratis, perplexity.ai zonder enterprise-account. Niet bruikbaar voor cliëntzaken. Er is geen verwerkersovereenkomst en de data wordt verwerkt op servers buiten de EU. Ook kan uw invoer voor modeltraining worden gebruikt: bij ChatGPT gebeurt dat tot u het uitzet, bij de andere diensten hangt het af van een instelling die u zelf moet controleren. Acceptabel voor productiviteitstaken zonder cliënt- of dossiergegevens (kantoormarketing, intern leeronderzoek, een blogpost over een algemeen juridisch onderwerp).
Niveau 2: zakelijke AI met verwerkersovereenkomstChatGPT Enterprise, Microsoft 365 Copilot, Anthropic Claude voor Teams en gespecialiseerde juridische platforms als Harvey of Eve. Bij deze tools is er een verwerkersovereenkomst, modeltraining op uw input wordt uitgeschakeld en data wordt versleuteld. Bruikbaar voor concept-correspondentie, interne memo's en samenvattingen, mits het kantoor heeft vastgelegd welke gegevens wel en niet ingevoerd mogen worden en de cliënt vooraf toestemming heeft gegeven.
Let bij niveau 2 op twee dingen. De hosting-locatie: Microsoft 365 EU Data Boundary helpt, maar is geen volledige garantie tegen Cloud Act-toegang. En de model-keuze, want sommige enterprise-aanbieders routeren prompts via Amerikaanse subprocessors voor specifieke modellen.
Niveau 3: private AI binnen uw kantoor of op een Europese cloudEen lokaal draaiend taalmodel of een Europees gehost private LLM bij een EU-aanbieder. Bijvoorbeeld een fine-tuned Mistral-deployment op een Europese cloud, of een AI-feature binnen advocatensoftware waarbij de data het kantoor of de EU-cloud niet verlaat. Vraag ook dan de lijst met subverwerkers op: Mistral schakelt bijvoorbeeld subverwerkers buiten de EU in. Draait u het model zelf bij een Amerikaanse cloudaanbieder, dan kan de Cloud Act alsnog van toepassing zijn. Voor dossierwerk de meest verantwoorde optie. Hogere kosten, maar wel controle over waar de data staat.
AI-beleid voor uw advocatenkantoor in vijf stappen
Een schriftelijk AI-beleid is voor advocatenkantoren geen wettelijke verplichting. Bij een tuchtklacht of een dekencontrole moet u wel kunnen laten zien hoe u met AI omgaat. Een vastgelegd beleid is daarvoor het kortste bewijs.
Inventariseer alle AI-tools
ChatGPT, Microsoft Copilot, transcriptie-software (Otter, Microsoft Teams Copilot), samenvattingstools in Outlook, AI-functies in het dossiersysteem (Bighand, Visma, Cleopatra). Vraag het bij elke advocaat en stafmedewerker na, niet alleen IT.
Classificeer per tool
Bepaal het niveau (publiek, zakelijk, privaat) en leg per tool vast: welke data wel en welke data nooit ingevoerd mag worden. Twee kolommen volstaan.
Regel cliënttoestemming via uw opdrachtbevestiging
Pas de standaardvoorwaarden aan met een AI-clausule waarin staat welke tools u inzet, voor welk doel en wat de waarborgen zijn. Geef de cliënt de mogelijkheid om expliciet bezwaar te maken. Documenteer per dossier of toestemming is gegeven, gewijzigd of geweigerd.
Borg de zorgplicht op de output
Maak het beleid expliciet over output-controle: AI-output wordt nooit ongelezen in een processtuk overgenomen, jurisprudentie wordt altijd handmatig geverifieerd. Eindverantwoordelijkheid blijft bij de behandelend advocaat. Dit is de directe les uit de berisping door de Raad van Discipline 's-Hertogenbosch van 27 juli 2026 (ECLI:NL:TADRSHE:2026:93).
Werk aantoonbaar aan AI-geletterdheid ([Artikel 4](/ai-verordening/artikel-4) AI Act)
Sinds 2 februari 2025 vraagt artikel 4 van de EU AI Act dat u maatregelen neemt die de AI-geletterdheid ondersteunen van uw personeel en van anderen die namens u met AI werken. Een kennisniveau per persoon hoeft u niet te garanderen. Leg wel vast wat u heeft gedaan en voor wie: bij een tuchtklacht of controle is dat uw bewijs. Voor een advocatenkantoor: een korte opleiding (1 tot 2 uur online) over AI-basis, beperkingen, hallucinatie-risico, beroepsgeheim en verschoningsrecht. Documenteer wie wanneer is opgeleid.
Is AI in de advocatuur hoog-risico onder de AI Act?
Nee, het meeste kantoorwerk valt er niet onder. Bijlage III deelt in op gebruiksdoel, ongeacht het beroep van de gebruiker. Het punt over rechtsbedeling (Bijlage III punt 8, onder a) gaat over AI die door of namens een gerechtelijke instantie wordt gebruikt om feiten en recht te onderzoeken en het recht toe te passen. Een advocatenkantoor is geen gerechtelijke instantie. Een AI-tool die een processtuk voorbereidt of jurisprudentie samenvat, valt daar dus buiten.
Hetzelfde punt 8, onder a, noemt ook AI die op soortgelijke wijze wordt gebruikt bij alternatieve geschillenbeslechting. Treedt u op als arbiter of bindend adviseur en ondersteunt een AI-systeem u bij het onderzoeken en toepassen van het recht, dan kan dat systeem hoog-risico zijn. Overweging 61 legt de grens bij procedures waarvan de uitkomst rechtsgevolgen heeft voor de partijen. Daarnaast is AI in de eigen bedrijfsvoering hoog-risico zodra hij bijvoorbeeld sollicitanten selecteert (Bijlage III punt 4, onder a).
Voor de meeste kantoren raken eerder drie andere onderdelen: maatregelen voor AI-geletterdheid (Art. 4, al verplicht), transparantie bij een chatbot op uw website, bij deepfakes of bij AI-tekst die u publiceert om het publiek te informeren over aangelegenheden van algemeen belang (Art. 50 lid 1 en 4, sinds 2 augustus 2026 en niet uitgesteld door de Digital Omnibus) en het AVG-kader voor cliëntdata. Bij een chatbot ligt de meldplicht bij de aanbieder van de chatbot. Laat u een chatbot bouwen en zet u hem onder uw eigen naam in gebruik, dan bent u die aanbieder (Artikel 3, punt 3). Deepfakes maakt u zelf bekend. Voor AI-tekst vervalt de plicht als een mens de tekst inhoudelijk heeft getoetst en uw kantoor er redactionele verantwoordelijkheid voor draagt. Een met AI voorbereid processtuk, advies of cliëntbrief valt buiten Artikel 50.
Een AI-register voor uw kantoor
Een intern AI-register is geen wettelijke plicht voor advocatenkantoren. Het helpt wel om onder NOvA-toezicht en onder de AI Act te laten zien welke AI u gebruikt en hoe u dat beheerst. Per AI-systeem legt u zes dingen vast.
- Naam en leverancier
- Doel van inzet
- Welke data er wel en niet in mag
- Het niveau (1, 2 of 3)
- De verantwoordelijke binnen het kantoor
- De datum van de laatste review
Een spreadsheet werkt voor kleine kantoren. Een AI-register-platform wordt praktisch zodra u meer dan vijf tools heeft of een tuchtprocedure voor de deur staat.
Vijf concrete acties voor deze week
- Verbied formeel de invoer van cliëntdata in publieke ChatGPT, Claude of Gemini via een interne kantoormail.
- Pas uw opdrachtbevestiging aan met een AI-clausule die cliënttoestemming regelt.
- Plan een AI-geletterdheidsessie voor het volledige kantoor (Art. 4 deadline is verstreken).
- Verifieer in alle lopende processtukken handmatig de aangehaalde jurisprudentie.
- Lees de NOvA-aanbevelingen van december 2025 en de toelichtingen met praktijkvoorbeelden uit 2026. Stel uw beleid daarop af.
Voor wie het structureel wil aanpakken: AIComplianceHub bouwt een AI-register, AI-beleid en e-learning specifiek voor het Nederlandse MKB, inclusief advocatenkantoren. De gratis Risicoscanner geeft u in vijf minuten een eerste beeld van waar uw kantoor staat.
Veelgestelde vragen
Adviseert de NOvA om de cliënt toestemming te vragen voor AI?
Ja. De NOvA beveelt advocaten aan de cliënt toestemming te vragen voor AI-gebruik in zijn dossier. Dat is een aanbeveling, geen wettelijke plicht of gedragsregel. De tuchtrechter betrekt de aanbevelingen wel bij zijn oordeel, zo bleek in de uitspraak van 27 juli 2026. In de praktijk wordt het een AI-clausule in de opdrachtbevestiging: welke tools u gebruikt, met welke waarborgen en met de mogelijkheid voor de cliënt om bezwaar te maken.
Verlies ik het verschoningsrecht als ik cliëntdata in ChatGPT invoer?
Dat kan. Een rechter-commissaris in Rotterdam oordeelde op 12 juni 2026 dat het invoeren van verschoningsgerechtigde informatie in ChatGPT kan gelden als openbaarmaking, waardoor die informatie haar vertrouwelijke karakter verliest (ECLI:NL:RBROT:2026:9319). Het ging om één beslissing in een strafzaak, over een verdachte die ChatGPT een bericht aan een verschoningsgerechtigde liet opstellen. Tegenpartijen in strafzaken, fiscale zaken en civiele procedures kunnen het punt dus opwerpen. Werk voor dossierwerk met tools van niveau 2 of 3 (zie hierboven).
Kan een advocaat een tuchtmaatregel krijgen voor AI-hallucinaties?
Ja. De Raad van Discipline 's-Hertogenbosch berispte op 27 juli 2026 een advocaat die AI-gegenereerde ECLI-nummers overnam zonder ze na te lopen (ECLI:NL:TADRSHE:2026:93). Een deel bestond niet, een deel verwees naar heel andere uitspraken. De boodschap: artikel 46 Advocatenwet (zorgplicht) is onverkort van toepassing op AI-output. Eindverantwoordelijkheid voor wat in een processtuk staat blijft bij de advocaat, niet bij de AI-tool.
Mag een cliënt AI-gebruik voor zijn dossier verbieden?
Ja. De cliënt kan voor zijn dossier een AI-totaalverbod afspreken. Dat respecteert u. Documenteer dit zichtbaar in het dossier en zorg dat alle medewerkers ervan op de hoogte zijn. Voor gevoelige strafzaken, due diligence in M&A en zaken met verhoogd geheimhoudingsbelang kan een AI-totaalverbod ook uw default-positie zijn.
Moet ik mijn ISO 27001-systeem aanpassen voor AI-gebruik?
Niet direct, maar wel in samenhang. Bestaande informatiebeveiligingsnormen dekken vertrouwelijkheid en encryptie. De AI Act vraagt daarnaast maatregelen voor AI-geletterdheid (Art. 4) en transparantie (Art. 50). Zet u een hoog-risicosysteem uit Bijlage III in, dan gelden vanaf 2 december 2027 ook de eisen voor menselijk toezicht (Art. 14 en 26). De pragmatische aanpak: breid uw bestaande managementsysteem uit met AI-specifieke procedures, in plaats van een tweede systeem op te zetten.